Als jij weg kijkt, kijkt de wereld nog steeds naar jou.

Aan de overkant van het hoofdkwartier van Bits of Freedom staat een kinderboerderij. Daar heeft Bits of Freedom ook hun stempel op gedrukt. ‘We hebben een van de varkens geadopteerd, hij heet ‘Big Data’’, vertelt Daphne van der Kroft grijnzend. Ons gesprek gaat over digitale burgerrechten: wat is er de afgelopen jaren veranderd? En hoe ziet de toekomst eruit? Hoe zorg je ervoor dat je met een kleine club als Bits of Freedom succesvol campagne voert?

Marc Timmermans in gesprek met Daphne van der Kroft

Waar houd je je op dit moment mee bezig bij Bits of Freedom?

Ik ben communicatiestrateeg. Het lijkt wel een beetje op BKB: het is superdivers. Ik help onze onderzoekers met het naar buiten brengen van hun verhaal en denk met een strategische blik na over wat onze boodschap is.

We zijn echt heel klein, 8 man. Dus als we effect willen hebben, moeten we héél goed kiezen waar we wel en niet aan werken. Dat maakt dat we ons primair richten op beleid, op wetgevingsprocessen. Hier in Nederland en in Europa. Daar kunnen we met zo’n kleine club iets voor elkaar boksen. Met publiekscampagnes is dat moeilijker. Maar ze staan nooit op zich. We zetten juist die twee samen in, zodat ze elkaar versterken.

Een recent voorbeeld: we vroegen mensen om te reageren op een voorstel voor een nieuwe wet op de geheime diensten. Nog nooit hadden zoveel mensen gereageerd op een dergelijke consultatie. Meer dan 557 openbare reacties zijn er verschenen, waardoor niet alleen het bedrijfsleven, maar ook bezorgde burgers hun stem konden laten horen in Den Haag.

Sommige mensen vragen waarom we geen keurmerk worden voor privacy-vriendelijke bedrijven of diensten. Dat is heel moeilijk. Neem alleen al The Big Five (Google, Facebook, Apple, Amazon, Microsoft); als je in de gaten moet houden welke nieuwe technologieën zij gebruiken, of ze hun voorwaarden aanpassen, of ze transparant zijn. Dat is een enorme hoeveelheid werk.

‘We zetten juist die twee samen in, zodat ze elkaar versterken.’

Jullie hebben een analyse gemaakt om te kijken wat de beste plek is om jullie verhaal te vertellen?

Ja. Onze ervaring is dat, als je een goed verhaal hebt op basis van gedegen onderzoek, de politiek heel toegankelijk is. Dit betekent uiteraard niet dat ze het altijd met ons eens zijn. Maar voor een beweging als de onze is het dus zeker mogelijk de stem van de internetgebruiker stevig te laten horen, ook al heb je lobbyisten uit het bedrijfsleven of de overheid tegenover je.

Bits of Freedom heeft duidelijk gekozen voor beleidslobby.

Er zijn veel mensen die pleiten voor het vergroten van de bewustwording met meer onderwijs en publiekscampagnes. Meer regels zijn op dat gebied niet per se nodig. Dit is sowieso iets wat al meer gebeurt. Op het moment dat het onderwijs meer aandacht besteedt aan programmeren, ga je vanzelf meer zien wat er aan de achterkant gebeurt, bijvoorbeeld welke gegevens er allemaal verzameld worden. Het tempo van deze ontwikkelingen ligt overigens misschien wel hoger dan het onderwijs aankan.

Uiteindelijk moeten we als maatschappij leren dat Facebook niet primair een sociaal netwerk is, maar een warenhuis waar veel reclame wordt getoond. En ook je werkgever, verzekeraar en de opsporingsdiensten kijken allemaal mee. Het duurde even voordat we dat door hadden.

Zie je daar verschil in de afgelopen vijf jaar?

Enorm!

Dus dat gaat eigenlijk best snel?

Toen ik bij Bits of Freedom begon, was een van onze belangrijkste taken mensen duidelijk te maken dat privacy een belangrijk issue is. Journalisten, politici en het grote publiek. Het is mede de verdienste van Edward Snowden. Veel mensen weten dat privacy speelt en we horen niet meer zo vaak: ‘Maar ik heb toch niets te verbergen?

Dat is inderdaad de klassieke vraag; waarom is privacy belangrijk?

Voor die vraag is inmiddels iets in de plaats gekomen: mensen voelen een enorm ongemak, een onderbuikgevoel dat privacy wel degelijk iedereen aan gaat. Ik vind het belangrijk om te laten zien dat dit ongemak niet hoeft te leiden tot apathie. Iets wat je in de milieudiscussie misschien wel zag afgelopen jaren.

‘Mensen voelen een enorm ongemak.’

Doemdenken?

Ja, dat het zo complex lijkt dat het je helemaal niets doet.

We willen laten zien dat je zelf stappen kunt zetten om je eigen privacy te verbeteren: er zijn alternatieven voor WhatsApp, zoals Telegram. Je kunt je mail versleutelen, je locatiegegevens uitschakelen. We hebben in het verleden successen geboekt: zo is mede dankzij ons de netneutraliteit in Nederland ingevoerd. Het heeft dus zin je stem te laten horen. In de journalistiek hebben ze inmiddels ook experts op dit gebied in dienst. Tech-journalistiek is niet meer alleen ‘wat is de laatste Apple-gadget.’

Telegram is een gratis cross-platform berichtendienst waarvan de clients open source zijn. De gebruikers kunnen versleutelde en zelfvernietigende berichten uitwisselen.

‘Bij Google en Facebook ben jij het product.’

Het onderwerp wordt in de media een stuk serieuzer genomen. De NOS heeft bijvoorbeeld een journalist van Tweakers aangenomen. Zijn bedrijven nog minder ver?

Klopt. Al doet Apple dat de laatste tijd wel. Eigenlijk de eerste keer dat een tech-gigant privacy als waardevol kenmerk gaat zien. Ze hebben meerdere keren redelijk direct de aanval op Facebook en Google ingezet, door te zeggen: ‘Wij maken hardware en daar betaal je voor. Bij Google en Facebook ben jij het product.’

Dit is een signaal. Het komt door het ongemak dat mensen hebben. Als er dan een partij is die zegt: luister, wij gaan hier beter mee om dan anderen, dan is dat aantrekkelijk.

Even een blik in de toekomst: wat zijn volgens jou de grote issues voor 2016?

Die zijn heel duidelijk. Allereerst de nieuwe Europese privacyregels, waarbij het heel spannend wordt of dit überhaupt een verbetering gaat opleveren. Vervolgens staan volgend jaar de wet op de inlichtingendiensten, de bewaarplicht en netneutraliteit in Europa op de agenda.

Sinds 2012 werkt Europa aan een nieuwe wetgeving. Op de website van Bits of Freedom lees je er meer over.

En als we dan vanuit Europa naar Amerika kijken? Politieke campagnes op Facebook in de Verenigde Staten zijn een stap verder dan hier. Op basis van data kunnen ze zeggen: ‘Spreek specifiek deze tien vrienden aan, die zouden nog wel eens op ons kunnen gaan stemmen.’ Kunnen we dit ook hier verwachten?

We moeten goed nadenken of dit wenselijk is. Bij de Amerikaanse debatten maakt Facebook ontzettend veel reclame, zij hebben daar veel aan bijgedragen.

Facebook is een bedrijf met enorme belangen. Uit hun eigen onderzoek blijkt dat ze ervoor kunnen zorgen dat mensen gaan stemmen. Maar ze hebben ook invloed op hoe mensen stemmen. Als je bijvoorbeeld veel meer Republikeins nieuws in je tijdlijn ziet, heeft dat zeker effect op je stemgedrag.

Je kan dus makkelijk zeggen dat Facebook een publieke functie heeft gekregen.

Totaal!

Maar ze hoeven als bedrijf natuurlijk niet dezelfde verantwoording af te leggen als een publieke organisatie.

Dit geldt voor alle bedrijven met een grote marktmacht. Dezelfde vraag stelden we bij internetproviders: mogen zij bepalen welke diensten je wel of niet gebruikt? Dit leidde ertoe dat we netneutraliteit hebben gekregen. Dit is een belangrijke vraag voor onze toekomst: vinden we niet dat dit soort bedrijven een bepaalde publieke verantwoordelijkheid moeten nemen of krijgen? Hele fundamentele ideeën over hoe we onze maatschappij willen inrichten staan ter discussie.

Zou het niet catastrofaal mis kunnen gaan met onze privacy?

Ik ben zelf vrij optimistisch, maar er is erg veel te doen. En het kan zeker mis gaan. Stel dat alle gegevens van Google ineens op straat liggen, probeer maar eens een maand zonder Google te leven… We zijn eigenlijk nu al totaal afhankelijk.

Aan het begin van ons gesprek had je het over het onderbuikgevoel dat veel mensen inmiddels hebben over privacy. Erg herkenbaar. Zouden de kinderen die nu opgroeien daar heel anders over denken?

Dat denk ik wel. De opkomst van Snapchat is daar een goed voorbeeld van. Ik weet niet of jij dat gebruikt?

Volgens mij ben ik daar nu al te oud voor.

Haha, precies, wij zijn echt net te oud. Maar er is een hele generatie die Facebook links laat liggen en Snapchat gebruikt. Volgens mij komt dat door de belofte dat je berichten worden verwijderd, of dat nu waar is of niet.

Ouderen zeggen soms dat jongeren er niks om geven. Dat is echt niet waar. Ze geven om privacy in hun eigen wereld, namelijk ten opzichte van hun vrienden, familie en leraren. Dat zij overstappen naar Snapchat is een erg interessante ontwikkeling. Het kan zomaar omslaan. Aan ons om te laten zien dat er alternatieven zijn.

2 miljoen Nederlanders hebben de app Snapchat geïnstalleerd. Het is voornamelijk populair onder tieners.

‘Aan ons om te laten zien dat er alternatieven zijn.’

Foto’s door Rewan Jansen

Terug naar boven
Verhalen zijn er om te delen: